Gemeentelijk leegstandsreglement voor woningen en gebouwen

Artikel 1
Het systematisch bijhouden van een leegstandsregister verder te zetten.

Artikel 2 - Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

1° Administratie

De afdeling Omgeving, Huisvesting en Veiligheid wordt belast met het beheer van een leegstandsregister en de vaststelling van leegstand bij woningen en gebouwen.

2° Beroepsinstantie

Het college van burgemeester en schepenen.

3° Beveiligde zending

Eén van de hiernavolgende betekeningswijzen:

a. een aangetekend schrijven.

b. een afgifte tegen ontvangstbewijs.

4° Gebouw

Elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitsluiting van bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2,1° van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.

5° Woning

Een goed vermeld in artikel 2 §1, eerste lid, 31° van de Vlaamse Wooncode - elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande.

6° Inventarisatiedatum

De datum waarop de woning of het gebouw voor de eerste maal in het leegstandsregister wordt ingeschreven.

7° Leegstaand gebouw

Een gebouw dat in aanmerking komt voor bewoning en waarvan meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de vergunde functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een periode van ten minste twaalf opeenvolgende maanden.

8° Leegstaande woning

Een woning die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de vergunde woonfunctie.

9° Leegstandsregister

Het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen en woningen op het grondgebied van Wommelgem.

10° Leegstand bij nieuwbouw

Een nieuwe woning of een nieuw gebouw wordt als een leegstaande woning of een leegstaand gebouw beschouwd, indien die woning of dat gebouw binnen 6 jaar na de beslissing om een stedenbouwkundige vergunning te verlenen in laatste administratieve aanleg, niet aangewend wordt overeenkomstig zijn vergunde functie.

11° Verjaring

Het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de datum van eerste inschrijving in het leegstandsregister, zolang de woning of het gebouw niet uit het register is geschrapt.

12° Zakelijk gerechtigde

De houder van één van de volgende zakelijke rechten:

  • de volle eigendom.
  • het recht van opstal of van erfpacht.
  • het vruchtgebruik.

13° Beschrijvend verslag

Bevat de gegevens van de woning of het gebouw, de indicaties van leegstand en foto's van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw.

14° Administratieve akte

Bevat minimaal volgende gegevens:

  • Gemeentelijk dossiernummer.
  • Datum van de opname van de woning of het gebouw in het leegstandsregister
  • Beschrijvend verslag.
  • Besluit van de burgemeester dat de woning of het gebouw in kwestie wordt opgenomen in het leegstandsregister.

15° Feitenonderzoek

Een plaatsbezoek dat door de administratie wordt uitgevoerd met als doel de aangehaalde argumenten vermeld in de ontvangen beroepsschriften te controleren op de feitelijke toestand.

16° Verbruik

Het verbruik van nutsvoorzieningen zoals onder meer water, gas en elektriciteit conform de recentste tabellen die raadpleegbaar zijn op de websites van het VREG (Vlaamse regulator van de elektriciteits- en gasmarkt) en Pidpa.

Artikel 3 - Inventarisatie van leegstand

§1. Onverminderd de toepassing van 89bis van het Wetboek van Strafvordering heeft de administratie toegang tot de bedrijfsruimten, gebouwen, woningen en kamers om alle voor de inventarisatie noodzakelijke opsporingen en vaststellingen te verrichten.

§2. De administratie bezit de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeenteheffingen.

§3. In het dossier dat in het leegstandsregister wordt opgenomen zijn minimaal de volgende gegevens opgenomen:

1° het adres van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw.
2° de kadastrale gegevens van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw.
3° de identiteit en het adres van de zakelijk gerechtigde(n).
4° het nummer en de datum van de administratieve akte.
5° de indicatie(s) die aanleiding heeft of hebben gegeven tot de opname.

§4. Een leegstaande woning of leegstaand gebouw wordt opgenomen in het leegstandsregister aan de hand van een genummerde administratieve akte, waarbij één of meer foto’s en een beschrijvend verslag, met vermelding van de indicaties die de leegstand staven, gevoegd worden. De datum van de administratieve akte geldt als de datum van de vaststelling van de leegstand en bijgevolg als datum van opname in het leegstandsregister.

§5. De leegstand wordt vastgesteld op basis van één of meer volgende objectieve indicaties:

  • het ontbreken van een inschrijving in het bevolkingsregister op het adres van de woning.
  • het vermoeden dat de woning of het gebouw niet gebruikt wordt overeenkomstig de vergunde functie.

Artikel 4 - Leegstandsregister

§1. De administratie houdt een leegstandsregister bij en omvat de leegstaande woningen en leegstaande gebouwen.

Een woning die door het Vlaamse Gewest geïnventariseerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar, wordt niet opgenomen in het leegstandsregister.

Een woning of gebouw dat door de gemeente geïnventariseerd werd als verwaarloosd in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen kan worden opgenomen in het leegstandsregister.

§2. Alle dossiers betreffende leegstaande woningen en gebouwen worden in het leegstandsregister opgenomen.

Artikel 5 - Kennisgeving van opname in het leegstandsregister

De zakelijk gerechtigde(n) wordt per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in het leegstandsregister. De kennisgeving bevat:

  • De administratieve akte.
  • Informatie met betrekking tot de beroepsprocedure tegen de opname in het leegstandsregister.
  • Alle rechtsgeldige gevolgen.

Artikel 6 - Beroep tegen opname in het leegstandsregister

§1. Binnen een termijn van dertig dagen ingaand de dag na deze van de betekening van het schrijven, vermeld in artikel 5, kan een zakelijk gerechtigde beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Het beroep wordt per beveiligde zending betekend aan de beroepsinstantie.

§2. Het beroepsschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:

  • De identiteit en het adres van de indiener.
  • De aanwijzing van de administratieve akte en van de woning of het gebouw waarop het beroepsschrift betrekking heeft.
  • De bewijsstukken die aantonen dat de opname van het gebouw of de woning in het leegstandsregister ten onrechte is gebeurd. De vaststelling van de leegstand kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.
  • De datum van indienen van het beroepsschrift.

Als het beroepsschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging.
De indiener voegt bij het verzoekschrift de bewijs- of overtuigingsstukken die hij nodig acht.

§3. Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepsschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepsschrift als ingetrokken wordt beschouwd.

§4. Het beroepsschrift is niet ontvankelijk:

  • Als het te laat is ingediend of niet is ingediend overeenkomstig de bepalingen in artikel 6, §1 van dit reglement of;
  • Als het beroepsschrift niet uitgaat van een zakelijk gerechtigde, zoals bedoeld in artikel 2,12°. van dit reglement of;
  • Als het beroepsschrift niet is ondertekend door de indiener.

§5. Als het beroepsschrift niet ontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit mee aan de indiener met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd.

§6. De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepsschriften op stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststelling of met een feitenonderzoek, dat uitgevoerd wordt door de administratie. Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot een woning of een gebouw geweigerd of verhinderd wordt voor het feitenonderzoek.

§7. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing per beveiligde zending aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het beroepsschrift. Als de beroepsinstantie het beroep gegrond acht, wordt de woning uit het leegstandsregister geschrapt.

§8. Indien de beslissing tot opname in het leegstandsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond is, neemt de administratie de woning of het gebouw in het leegstandsregister op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand.

Artikel 7 - Schrapping uit het leegstandsregister

§1. Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning gedurende een ononderbroken termijn van ten minste zes maanden bewoond is of aangewend wordt in overeenstemming met de vergunde functie.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de vergunde functie. 

Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de vergunde functie, aangewend wordt gedurende een ononderbroken termijn van ten minste zes maanden.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.

§2. Het effectief gebruik zou onder meer kunnen blijken uit één of meer van de volgende indicaties:

  • inschrijving(en) in het bevolkingsregister.
  • een aantoonbaar normaal verbruik van de nutsvoorzieningen.
  • het gebruik van de woning of het gebouw is in overeenstemming met de vergunde functie.

§3. Voor de schrapping uit het leegstandsregister richt de zakelijk gerechtigde een gemotiveerd verzoek per beveiligde zending aan het college van burgemeester en schepenen. Dit verzoek bevat minimaal volgende gegevens:

  • De identiteit en het adres van de indiener.
  • De aanwijzing van de administratieve akte van de woning of het gebouw waarop de vraag tot schrapping betrekking heeft.
  • De bewijsstukken die aantonen dat de woning of het gebouw geschrapt kan worden uit het leegstandsregister.
  • De datum van indiening van het verzoek.

De administratie onderzoekt de aanvraag tot schrapping en neemt een beslissing binnen een ordetermijn van 60 dagen na de ontvangst van het verzoek. Indien het verzoek tot schrapping ongegrond is, blijft de woning of het gebouw opgenomen in het leegstandsregister. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing met een beveiligde zending.

§4. Tegen de beslissing om de aanvraag tot schrapping te weigeren kan de eigenaar beroep aantekenen volgens de procedure bepaald in artikel 6.

Artikel 8 - Slotbepalingen

§1. Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2018.

§2. De gemeenteraad belast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van dit besluit.